Het polsstokspringen beleeft gouden tijden. “Het is fantastisch hoe hoog er tegenwoordig gesprongen wordt”, vertelt Karalis daags voor de finale van de Wanda Diamond League op de Allianz Memorial Van Damme. “Met een sprong van 6 meter kan het zijn dat je toch maar vierde of vijfde wordt. Of ik kan zelfs het wereldrecord breken en toch maar als twee eindigen.”
Karalis verwijst naar de geweldig spannende competitie in Zürich een week geleden, waar hij voor het eerst in zijn carrière over 6m20 sprong en daarna ook nog 6m32 probeerde, wereldrecordhoogte. “Dat lukte niet, maar ik voelde dat het goeie pogingen waren, dat het op een dag wel zou kunnen.” Maar dan is daar nog altijd ene Mondo Duplantis, die de lat toch nog altijd een beetje hoger weet te leggen dan zijn concurrenten. In Zürich zegevierde de Zweed uiteindelijk met 6m25.
Is het niet frustrerend om het tegen een – tot nu toe – ‘alleswinnaar’ als Duplantis te moeten opnemen? “Nee, ik ben blij dat ik in ‘zijn’ tijdperk leef”, zegt Karalis. “Mondo laat iedereen zien wat mogelijk is. Op die manier heeft hij bij mij en veel andere polsstokspringers mentale barrières gesloopt. We beleven geweldige tijden, met geweldige sprongen. Dat is goed voor de sport, voor het publiek, voor iedereen. Mondo pusht mij, maar ik push hem ook om nog beter te worden.”
Lukt het vrijdag om Duplantis te verslaan? “We hebben allebei onze sterktes. Hij is sneller, ik ben sterker. Maar er is geen beste manier om de beste polsstokspringer te zijn. Bubka en Lavillenie destijds waren ook andere types. En natuurlijk wil ik wedstrijden en trofeeën winnen. We zijn rivalen, maar ook en vooral goeie vrienden. Wat de uitkomst vrijdag ook wordt … na afloop zullen Mondo en ik samen een goed glas wijn drinken aan de bar.”